Blog · Bestuursrecht

Bezwaar en beroep in het bestuursrecht: zo werkt het

· Scholten Rechtspraktijk

Bent u het niet eens met een besluit van de overheid? Dan heeft u zes weken voor bezwaar. Een overzicht van de procedure, van bezwaarschrift tot hoger beroep.

Illustratie bij het artikel: rustige vormen in de huisstijlkleuren

Een vergunning die wordt geweigerd, een uitkering die wordt stopgezet, een subsidie die lager uitvalt: wie het niet eens is met een besluit van een bestuursorgaan, kan daartegen opkomen. De regels daarvoor staan grotendeels in de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Hieronder de procedure in hoofdlijnen.

Eerst bezwaar, dan beroep

Tegen de meeste besluiten maakt u eerst bezwaar bij het bestuursorgaan dat het besluit nam. Het bestuursorgaan heroverweegt dan het besluit volledig. Pas daarna kunt u in beroep bij de rechter. Bij sommige besluiten geldt een andere route, bijvoorbeeld rechtstreeks beroep of administratief beroep. Dat staat meestal onderaan het besluit, bij de rechtsmiddelenclausule.

De termijn: zes weken

De termijn voor bezwaar is zes weken (artikel 6:7 Awb). De termijn begint op de dag na die waarop het besluit bekend is gemaakt (artikel 6:8 Awb), meestal de dag na verzending. Een bezwaarschrift is op tijd als het vóór het einde van de termijn is ontvangen. Bij verzending per post is het ook op tijd als het vóór het einde van de termijn is verzonden en niet later dan een week na afloop is ontvangen (artikel 6:9 Awb). Valt de laatste dag in een weekend of op een feestdag, dan schuift de termijn op grond van de Algemene termijnenwet op.

Een te laat ingediend bezwaar wordt in beginsel niet-ontvankelijk verklaard. Alleen als u redelijkerwijs niet kan worden verweten dat u te laat was, wordt een uitzondering gemaakt (artikel 6:11 Awb). Reken daar niet op.

Wat moet er in het bezwaarschrift?

Het bezwaarschrift moet ten minste bevatten: uw naam en adres, de dagtekening, een omschrijving van het besluit (bij voorkeur met een kopie) en de gronden van het bezwaar (artikel 6:5 Awb). En u ondertekent het. Heeft u nog niet alle argumenten op een rij, dan kunt u eerst een pro-formabezwaar indienen. Het bestuursorgaan geeft u dan een termijn om de gronden aan te vullen (artikel 6:6 Awb).

De hoorzitting

Voordat het bestuursorgaan op het bezwaar beslist, wordt u in de gelegenheid gesteld te worden gehoord (artikel 7:2 Awb). Vaak gebeurt dat door een onafhankelijke bezwaarcommissie. De hoorzitting is uw kans om uw standpunt toe te lichten en vragen te beantwoorden. Bereid die goed voor; het gesprek is in de praktijk vaak beslissend.

De beslistermijn

Het bestuursorgaan beslist binnen zes weken na afloop van de bezwaartermijn, of binnen twaalf weken als er een adviescommissie is ingesteld. Die termijn kan met zes weken worden verdaagd (artikel 7:10 Awb). Beslist het bestuursorgaan niet op tijd, dan kunt u het in gebreke stellen. Twee weken na de ingebrekestelling kunt u beroep instellen tegen het niet tijdig beslissen, en in veel gevallen is het bestuursorgaan dan een dwangsom verschuldigd (artikel 4:17 Awb).

Beroep bij de rechtbank

Bent u het niet eens met de beslissing op bezwaar, dan kunt u binnen zes weken beroep instellen bij de bestuursrechter van de rechtbank. U betaalt griffierecht. De rechter toetst of het besluit rechtmatig is. Wint u, dan krijgt u het griffierecht terug en kan de rechter het bestuursorgaan veroordelen in uw proceskosten, zoals de kosten van rechtsbijstand.

Hoger beroep

Tegen de uitspraak van de rechtbank staat in de meeste zaken hoger beroep open, ook binnen zes weken. Afhankelijk van het rechtsgebied gaat het hoger beroep naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, de Centrale Raad van Beroep of het College van Beroep voor het bedrijfsleven. In belastingzaken gaat het hoger beroep naar het gerechtshof.

Spoed: de voorlopige voorziening

Bezwaar en beroep schorten de werking van een besluit in de regel niet op. Heeft u een spoedeisend belang, bijvoorbeeld omdat een handhavingsbesluit al wordt uitgevoerd, dan kunt u de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening vragen (artikel 8:81 Awb). Daarvoor moet wel een bezwaar of beroep lopen.

Kosten van bezwaar

Voor bezwaar betaalt u geen griffierecht. De kosten van rechtsbijstand in bezwaar worden alleen vergoed als het besluit wordt herroepen wegens een onrechtmatigheid die aan het bestuursorgaan is te wijten (artikel 7:15 lid 2 Awb), en alleen als u daar vóór de beslissing op bezwaar om vraagt.

Wilt u bezwaar maken of beroep instellen? Let op de termijn en neem tijdig contact met ons op. Dit artikel is algemene informatie en geen juridisch advies voor uw situatie.

Vraag over dit onderwerp?

Leg uw situatie aan ons voor

Dit artikel is algemene informatie. Voor advies over uw situatie kunt u contact met ons opnemen.

Neem contact op
Een website van Scholten One